Een grote bek, keiharde rock-n-roll, maar hele lieve mannetjes naast het podium

Drie jaar geleden trapte John Coffey in Bergen op Zoom De Popronde nog af, inmiddels speelden ze ieder groot festival plat en mochten ze regelmatig de studio van De Wereld Draait Door op zijn grondvesten laten trillen.

De band heeft echter niets met agressie. Wel is hun hardcore snoeihard en catchy. Dat belooft zaterdag 12 december dus opnieuw een ruig feestje te worden in Gebouw-T.

Door Willem Jongeneelen

Overal waar de Utrechtse band John Coffey langs komt laten ze een spoor van verbijstering en glimlachen achter. De met opvallende borstelsnorren getooide twintigers maken het type schreeuwmuziek dat hardcore, skatepunk en garagerock vermengt tot een pakkend geheel. De band bestaat sinds 2002 maar pas tien jaar later wordt hun tweede album Bright Companions door OOR de beste harde plaat in jaren genoemd. De muziek is een heuse wervelstorm, aldus het Duitse Visions Magazine dan weer. Ze hebben gelijk. Hoewel er muzikaal niet eens heel veel nieuwe elementen te noteren vallen, is de dosis bravoure ontwapenend en de reeks uit hun tenen komende oerkreten aanstekelijk.

The Green Mile

De band is vernoemd naar de grote Afro-Amerikaan in de film The Green Mile. Een imposant persoon, met een enorme uitstraling. ,,Angstaanjagend, maar met een heel klein hartje. Een goedzak eigenlijk”, aldus gitarist Christoffer Erik Borgaard Van Teijlingen. “Precies zoals wij; een grote bek, keiharde rock-‘n-roll, maar hele lieve mannetjes naast het podium.” De groep ontstond daar waar de meeste bands beginnen: op de middelbare school. Dat het een punkband werd stond vast, de vraag wie wat ging doen werd simpel opgelost: de instrumenten werden verdeeld onder het motto: probeer dat eens! Na een paar jaar kwam het kantelpunt: stoppen of serieus er voor gaan? Het werd een album maken, Vanity (2009), verpakt in een schitterende hoes met een kogelgat erin en schroeivlekken erop. Christoffer: ,,Het moest echter allemaal nog groter en intenser.”

Groter en intenser

Hoe dat moest leert John Coffey als ze een paar keer optreden met de Engelse punkrockband The Ghost Of A Thousand optreden. Iedereen van de band was zwaar onder de indruk van het geluid op hun album. Het bleek een productie van de Zweed Pelle Gunnerfeldt, tevens verantwoordelijk voor het geluid op albums van The Hives en Refused. ,,Die moesten we hebben. We zijn er erg goed in als band om ons schijnbaar onhaalbare doelen te stellen. Toch besloten we ervoor te gaan. We hebben er hard voor gevochten en via crowdfunding 4000 euro opgehaald. Dat blijft bijzonder, mensen die geld in jou investeren omdat je zo nodig naar Zweden moet om je plaatje op te nemen. Het gevolg is wel dat je je stinkende best gaat doen om er iets donders goed van te maken.”

Teringherrie met pakkende melodietjes

Op de albums die volgden werd de sound verder ontwikkeld. Ook bleken ze steeds nog betere liedjes te kunnen schrijven. Punkrock, screamo en hardcore, het werd in Nederland zelden met meer bravoure gebracht. ,,De mensen willen ons graag live zien, zo blijkt. Dat komt goed uit, want spelen dat is het liefste wat we doen. Dit is de muziek waar we van houden; teringherrie met pakkende melodietjes en meezingkoortjes. We houden namelijk ook heel erg van popliedjes. Je zou onze playlist in de tourbus eens moeten zien. Al die invloeden hoor je terug en daarom spreken we waarschijnlijk ook zo aan bij een breed publiek. Het is hard, maar het ligt toch goed in het gehoor. We zijn positieve gasten en we willen iets tofs uitstralen. Je mag best kritisch zijn en muziek is tenslotte emotie. Maar wat hebben wij eraan als mensen boos of opgefokt na een show weer naar huis gaan? Positieve energie is ook energie.”

 

Delen van dit artikel verschenen eerder in BN DeStem